Socialistische Partij Sport
Inhoud |
Sport en spel
Twee op de drie Nederlanders doen aan sport. Eén op de drie in georganiseerd verband - doorgaans met veel plezier en een positief effect op gezondheid en welbevinden. Investeren in sport is een goedkope en verantwoorde bijdrage aan de leefbaarheid van de samenleving, met name het bevorderen van sociale omgang. Toch zijn veel te veel mensen verstoken van deelname aan sport en spel. Vooral voor kinderen kan dat ernstige gevolgen hebben. Waar mogelijk moet de overheid daarom meer ruimte geven aan een brede beoefening van sport en spel en voldoende ruimte daarvoor in buurten en wijken garanderen.
Bevordering breedtesport
Een van de mooie kanten van topsport, naast de amusementswaarde, is dat het met name voor jongeren een stimulans kan zijn om meer te gaan sporten. Maar daarvoor dient er wel een laagdrempelig en toegankelijk sportaanbod te zijn. Sport levert een belangrijke bijdrage aan de kwaliteit van de samenleving. Veel sportverenigingen zitten echter financieel in de knel, vanwege afnemende gemeentelijke bijdragen en toenemende gemeentelijke (of landelijke) lasten, en moeten daarom meer worden ondersteund. Er moet worden voorkomen dat zij verdwijnen of hun contributie fors moeten verhogen. De lasten van sportverenigingen moeten dringend verlicht worden. Zij moeten het hebben van meer dan één miljoen vrijwilligers. Ruimte voor deskundige coaches en trainers, betere opleidingen, betere beloning en een licentiesysteem voor sportbegeleiders kunnen de vrijwilligers een steun in de rug bieden. Om die ontwikkelingen te bevorderen dient het breedtesportfonds verdrievoudigd te worden. Topsport wordt steeds meer afhankelijk van media-aandacht, commercie en sponsoring. Naast de mogelijkheden die daardoor ontstaan voor sporters, dreigt sport te verworden tot een 'product' waarvan de verkoop- en winstmogelijkheden voorop staan en niet de sportieve prestaties. Bezien moet worden in hoeverre de overheid door het scheppen van voorwaarden voor topsport de commercie daarin binnen de perken kan houden. Tegenover de vaak buitengewoon ruime middelen voor bepaalde topsporten staat chronisch geldgebrek voor amateursport en bepaalde andere takken van topsport. Onderzocht moet worden hoe een deel van media- en sponsorgelden voor profs in de toekomst ten goede kan komen aan de amateurs en de niet-commerciële topsport. Dat is ook in het belang van de topsport, die zonder breedtesport op termijn niet kan voortbestaan.
Sportopleidingen
Investeren in meer en beter afgestemde sportopleidingen is nodig vanwege de grote scholingsvraag van meer dan één miljoen vrijwilligers die het fundament vormen van de sport in Nederland. De overheid dient te helpen (inhoudelijk en financieel) bij het stimuleren van samenwerking tussen opleidingsinstituten en sportbonden.
Meer sportkansen voor kinderen
Alle kinderen moeten in de gelegenheid zijn om te sporten. Nu is dat niet het geval. Drempels die dat veroorzaken dienen te worden weggenomen. Basisschoolleerlingen krijgen een gratis sportstrippenkaart om sportproeflessen te nemen. In het basisonderwijs moet schoolzwemmen weer worden opgenomen in het lespakket en moet geïnvesteerd worden in vakleerkrachten. Op iedere basisschool hoort een sportdocent. Sport en beweging moeten een belangrijke plaats innemen binnen het lesprogramma. Om jongeren te stimuleren zal daarnaast meer samenwerking moeten komen tussen scholen en sportverenigingen.
Sportstrippenkaart
Alle basisschoolleerlingen moeten een sportstrippenkaart krijgen, waarmee ze bij sportclubs proeflessen kunnen nemen. Met het Fonds stimulering jeugdsport kan een bijdrage worden geleverd aan de versterking van de sportmogelijkheden in achterstandswijken.
Positie gehandicapten in sport verbeteren
Extra aandacht voor het vervoer van gehandicaptensporters is nodig. Voor de extra kosten die de gehandicapte sporter maakt moet een adequate vergoedingsregeling komen. De vergoeding van hulpmiddelen ten behoeve van sportbeoefening moet niet alleen sportrolstoelen maar ook andere hulpmiddelen omvatten. Bij revalidatie is naast dagelijkse hulp en begeleiding naar werk ook begeleiding naar sport van belang. De toegankelijkheid van sportaccommodaties moet worden aangepast aan gehandicapten. De toegankelijkheid dient ook te worden verruimd voor wat betreft de tijdstippen waarop tijdelijke aanpassingen, zoals verhoging van de temperatuur van zwemwater, worden aangeboden. Integratie van gehandicapte en niet-gehandicapte sporters dient zoveel mogelijk gestimuleerd te worden.
Ouderensport
Ook in hun sportbeleid dienen de overheden rekening te houden met de vergrijzing. Sporten is van groot belang voor de lichamelijke conditie van ouderen en kan meehelpen sociaal isolement te voorkomen. Sporten die geschikt zijn voor ouderen dienen daarom een extra stimulans te krijgen.
Ruimte om te spelen en te sporten
Bij de ontwikkeling van nieuwe bestemmingsplannen zou een toets ingebouwd moeten worden waarbij de gevolgen voor mogelijkheden voor sport, recreatie en (kinder)spel in het bestemmingsplangebied in kaart worden gebracht, in het bijzonder voor de doelgroepen van het sportbeleid. In woonwijken moet meer ruimte komen voor trapveldjes, jogging- en skateroutes. Om voldoende speelruimte voor kinderen te garanderen moet er een landelijke speelruimtenorm komen van 3%, oftewel 300 m2 per hectare binnen een wijk. Omdat speelruimte ook veilig bereikbaar moet zijn, mag de snelheid voor alle gemotoriseerde voertuigen in woonwijken en in ieder geval in de buurt van scholen en speelplekken maximaal 30 km per uur zijn. Meer woonerven kunnen de veiligheid van spelende kinderen op straat aanzienlijk vergroten. Lokaal kan effectiever gebruik worden gemaakt van bestaande accommodaties van verenigingen en scholen.