Socialistische Partij Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen

Uit WikiPolitiek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Onderwijs

Het bieden van goed en toegankelijk onderwijs voor iedereen is een van de belangrijkste investeringen in de samenleving. Door de drastische bezuinigingen van de afgelopen twintig jaar zijn we echter sterk achterop geraakt. Nederland besteedt verhoudings-gewijs minder geld aan onderwijs dan de ons omringende landen. De problemen in het onderwijs staan in schril contrast met de huidige welvaart. Er is een rampzalig lerarentekort en een ongekend hoog ziekteverzuim. Veel scholen schieten tekort in veiligheid en schoonmaak. Tweedeling dreigt ook in het onderwijs, met de komst van sponsoring en privé-scholen. Om achterstanden weg te werken zal fors in het onderwijs geïnvesteerd moeten worden. Alleen als werken in het onderwijs weer aantrekkelijk wordt, is het lerarentekort op te lossen. Zo niet, dan blijft het dweilen met de kraan open. In alle vormen van onderwijs moet ernaar gestreefd worden de betrokkenheid van ouders en opvoeders te vergroten. Goede samenwerking is ook van belang om ontsporing van kinderen te voorkomen of vroegtijdig te ontdekken.


Gelijke toegang

Onderwijs moet in beginsel voor iedereen gelijk toegankelijk te zijn en betaald worden uit de algemene middelen. Onderweg daar naartoe, dienen ouderbijdragen in de komende vier jaar gelimiteerd te worden en daarna afgeschaft. Sponsoring van scholen door het bedrijfsleven moet worden verboden, omdat het de continuïteit en de onafhankelijkheid van het onderwijs bedreigt. Scholen met ouders met hoge inkomens komen immers gemakkelijker aan royale sponsors dan arme scholen. De komst van particuliere scholen en daarmee van tweedeling in het onderwijs, kan het beste ontmoedigd worden door een betere financiering van het publieke onderwijs. Daarmee kan op de opkomst van privé-scholen worden gestopt. Experimenten met onderwijsvouchers (onderwijsbonnen), waarmee studenten kunnen 'shoppen', moeten worden stopgezet. De introductie van onderwijsbonnen leidt tot onzinnige concurrentie tussen opleidingen en tot onzekerheid in de financiering. Bovendien zal die introductie de tweedeling in het onderwijs vergroten, omdat welvarende ouders beter in staat zijn om, naast de besteding van onderwijsbonnen, een eigen bijdrage te betalen. Dat is in strijd met het uitgangspunt van kwalitatief goed onderwijs voor alle leerlingen en studenten, ongeacht het inkomen van hun ouders. Het lesgeld in het voortgezet onderwijs moet worden afgeschaft. Leermiddelen in het voortgezet onderwijs horen, net als in de meeste andere Europese landen, kosteloos door de overheid verstrekt te worden. Schoolboeken dienen rechtstreeks via de school verschaft te worden. Zo kan een einde komen aan de (kostbare) administratieve rompslomp rondom de regeling tegemoetkoming studiekosten. Het prestatieregime in het hoger onderwijs werkt frustrerend voor studenten, met name voor studenten met weinig financiële armslag, en dient daarom te verdwijnen. De studiebeurs dient geleidelijk een gift te worden en uiteindelijk te stijgen tot normbedragen die in reële verhouding staan tot de kosten van studie, kamerhuur en levensonderhoud. Om te beginnen stellen wij voor de aanvullende beurs te verhogen. Dat vergroot de toegankelijkheid voor kinderen van ouders met lagere inkomens. Het aantal jaren dat de nieuwe studenten gefinancierd kunnen studeren zou met ingang van 2003 opgetrokken moeten worden naar zes, ongeacht de leeftijd waarop men de studie begint. Het collegegeld moet niet verder verhoogd worden, en ook moet er geen differentiatie plaatsvinden van collegegelden.


Meer steun voor onderwijspersoneel

Salaris en rechtspositie van het onderwijspersoneel moeten weer centraal worden vastgesteld. Dan hebben overal in het land leraren met een zelfde diensttijd, bevoegdheid en betrekkingsomvang hetzelfde salaris en een gelijke rechtspositie. Dat betekent dat salarissen via de schoolbesturen door het Rijk betaald worden. Het aantal dienstjaren, nodig om op het maximum van de salarisschaal te komen, moet aanzienlijk worden ingekort. De onrechtvaardige verschillen zoals die zijn veroorzaakt door de herstructurering van onderwijssalarissen in 1985 moeten snel verdwijnen. Ook dienen de onredelijke beloningsverschillen tussen vmbo en vwo weggewerkt te worden. Door structureel hogere lonen, ook voor het onderwijsondersteunende personeel, moet de aantrekkelijkheid en de status van een baan in het onderwijs worden hersteld. Op de korte termijn moeten er meer spoedopleidingen komen, toegankelijk voor havo- en vwo-gediplomeerden en mensen met een positieve praktijk-ervaring elders, met een baangarantie na positieve afsluiting van de opleiding. De positie van vervangend personeel dient versterkt te worden, door het vervangingsfonds van voldoende middelen te voorzien. Als vervanging niet aantrekkelijker wordt gemaakt, wordt het risico steeds groter dat klassen naar huis worden gestuurd als gevolg van het hoge ziekteverzuim. ID-banen in het onderwijs mogen niet worden wegbezuinigd maar moeten juist worden omgezet in reguliere banen.


Filosofie in het onderwijs

Filosofie hoort thuis in het lespakket van het basis-, middelbaar- en beroepsonderwijs. Daarbij moeten kinderen in ieder geval kritisch leren denken, bijvoorbeeld over waarden en normen.


Meer veiligheid op school

Ter bevordering van de veiligheid op scholen dient er een apart veiligheidsfonds te zijn. Nooduitgangen moeten goed bereikbaar zijn en op elke school moet jaarlijks een brandoefening worden gedaan. Om zoveel mogelijk ongevallen te voorkomen gaat de Arbeidsinspectie strenger toezien op naleving van de Arbo-wet. Om gewelddadig gedrag onder leerlingen tegen te gaan wordt een project 'alle scholen wapenvrij' gestart en komt er in het onderwijs meer aandacht voor de bestrijding van agressief gedrag.


Meer steun voor regionale opleidingscentra

Regionale opleidingscentra dienen meer mogelijkheden te krijgen voor goed onderwijs. Ze mogen geen vergaarbak van 'probleemleerlingen' worden. Het bedrijfsleven, voor wie de regionale opleidingscentra vakkrachten opleiden, dient te zorgen voor voldoende goede stageplaatsen, waarover afspraken worden vastgelegd in de CAO's. Stages in de zorg en het onderwijs kunnen door een stagevergoeding aantrekkelijker worden. Dat vergroot de kans dat leerlingen daadwerkelijk in deze sectoren gaan werken. Wie kiest voor een vervolgopleiding in het hbo dient op betere voorbereiding te kunnen rekenen dan nu het geval is. De regionale opleidingscentra zijn nu veel te groot waardoor er anonimiteit en uitval ontstaat. Een stelselmatige schaalverkleining kan de kwaliteit van dit onderwijs aanzienlijk verbeteren. Daardoor kan gaandeweg ook het nu topzware management ingekrompen worden. De aansluiting van mbo op hbo is momenteel erg problematisch en dient gemakkelijker en aantrekkelijker te worden. Nieuwe mbo-opleidingen in de sfeer van kunst, cultuur en amusement moeten mede daarom kunnen rekenen op ondersteuning van de overheid.


Van leerfabrieken naar schaalverkleining

Megascholen bevorderen de anonimiteit van de leerlingen, maken scholen onoverzichtelijker en de afstand tussen de besturen, de docenten en leraren en de leerlingen groter. Daarom dient het beleid omgebogen te worden in de richting van schaalverkleining: kleinere scholen en kleinere groepen.


Democratie op onderwijsinstellingen

Bij het bestuur van onderwijsinstellingen is het van groot belang dat personeel (waaronder ook docenten), ouders, studenten en scholieren als participanten worden beschouwd, en niet als klanten of louter werknemers. Er moet een beperkt instemmingsrecht komen voor een ouderraad op basis- en middelbaar onderwijs en ook voor de scholieren op middelbare scholen. Beroepsonderwijs, hoger beroepsonderwijs en universiteiten moeten bestuurd worden door personeel en studenten, die ongedeeld democratisch verkozen moeten worden.


Meer jongeren- en studentenhuisvesting

Gemeenten kunnen een grotere rol spelen in het grote tekort aan studentenhuisvesting, door langdurig leegstaande kantoorruimte te vorderen en geschikt te maken voor kamerbewoning. Overbodige kazernes in de grote steden moeten niet worden verkocht aan projectontwikkelaars, maar kunnen een zelfde bestemming krijgen. Het Rijk kan daarnaast kamerverhuur bevorderen door de fiscale vrijlating van inkomsten uit kamerverhuur te verruimen. Tegelijkertijd moet er meer huurbescherming komen voor kamerbewoners, die nu regelmatig het slachtoffer worden van huisjesmelkers. Op korte termijn dient te worden nagegaan of en hoe portiek- en galerijcomplexen in herstructureringswijken die op de nominatie staan om te worden gesloopt, voor hergebruik geschikt gemaakt kunnen worden.


Bijzonder onderwijs beter integreren

Onderzocht moet worden hoe bijzonder en openbaar onderwijs beter kunnen integreren. Uiteindelijk dient een algemene vorm van onderwijs tot stand te komen, met dezelfde rechten voor iedere school en iedere scholier, deelnemer en student. Scholen mogen niet alleen leerlingen van de eigen denominatie toelaten en moeten zo nodig tot algemene toegankelijkheid worden gedwongen, op grond van artikel 1 van de grondwet dat elke vorm van ongeoorloofd onderscheid verbiedt.


Onderwijsvernieuwing beter evalueren

Voor onderwijsvernieuwingen in de afgelopen tien jaar is vaak te weinig geld en tijd gegeven. De basisvorming, Weer Samen Naar School, de Tweede Fase en het vmbo dienen daarom zorgvuldig te worden geëvalueerd en waar nodig te worden aangepast. Op het terugdraaien van vernieuwingen, als blijkt dat er sprake is van onaanvaardbare negatieve effecten, mag niet langer een taboe rusten. Gezien de negatieve resultaten, vooral voor de zwakkere leerling, komt de Tweede Fase in het voortgezet onderwijs daarvoor als eerste in aanmerking. De overhaaste en ondoordachte invoering van deze vernieuwing heeft vele problemen veroorzaakt, waardoor de kwaliteit van het onderwijs achteruit is gegaan. Op korte termijn moeten de vreemde talen, die nu in deelvaardigheden worden onderwezen, weer een volwaardig vak worden. De profielen moeten worden opengebroken, zodat leerlingen meer mogelijkheden krijgen om zélf hun vakkenpakket te kiezen. Verlichting van de Tweede Fase wordt mogelijk door het hoge aantal werkstukken te beperken.


Meer middelen voor speciaal onderwijs

Weer Samen Naar School (speciaal basisonderwijs) kan alleen slagen als scholen daarvoor ook voldoende middelen krijgen. Ouders en scholen dienen meer betrokken te worden bij de aanname van een leerling op een speciale school. Een kind mag niet op een gewone school worden geplaatst omdat het op papier voldoet aan de eisen, terwijl het in de praktijk geen passend onderwijs krijgt. Leerlinggebonden financiering (ook wel bekend als 'het rugzakje') biedt niet de garantie van goede begeleiding en moet vervangen worden door een betere financiering van de school als geheel. Voor kinderen met handicaps zoals dyslexie, adhd en autisme moet betere begeleiding in en buiten het onderwijs beschikbaar komen. Wachtlijsten op scholen voor speciaal onderwijs dienen snel te verdwijnen. Via adequate financiering moet het voor scholen aantrekkelijk blijven om leerlingen ook nog halverwege het jaar aan te nemen


Referenties

Persoonlijke instellingen