Socialistische Partij Defensie
Inhoud |
Vrede, veiligheid en ontwikkeling
Nederland wordt steeds meer opgeslokt door de Europese Unie. Dat kost ons als land steeds meer democratische en sociale verworvenheden. Ook andere internationale organisaties, zoals de NAVO, de Wereldhandelsorganisatie, de Wereldbank en het Internationaal Monetair Fonds, overtroeven de nationale overheden en tasten democratie en sociale structuur van samen-levingen ernstig aan. Nederland heeft zich laten betrekken in de oorlog tegen het terrorisme en neemt daardoor actief deel aan oorlogshandelingen in Afghanistan. Ook een oorlog tegen Irak lijkt Nederlandse steun te hebben. Oorlog voeren om terrorisme te bestrijden is echter niet effectief en eist veel onschuldige slachtoffers. Daarom moet er wereldwijd, onder leiding van de Verenigde Naties, veel meer aandacht komen voor de voedingsbodem van terrorisme. Maar helaas is de macht van de Verenigde Naties uiterst beperkt en, voor zover aanwezig, onevenredig verdeeld tussen arme en rijke landen. De tegenstellingen tussen arm en rijk, Zuid en Noord, groeien met het jaar. Oorlog en armoede zijn de voornaamste oorzaken van de geweldige vluchtelingen- en migratiestromen over de aardbol. Het grootste deel van de daaruit voortvloeiende ellende wordt gedragen door de landen die daartoe het slechtst zijn uitgerust. Als er geen ingrijpende wijzigingen plaatsvinden in de manier waarop we met elkaar omgaan zullen we steeds vaker geconfronteerd worden met onvoorstelbare vormen van menselijke ellende - waarvan een deel ook steeds vaker het rijke Westen zal gaan raken.
Kleiner leger
Een groot staand leger biedt geen bescherming tegen dreigingen als die van het internationaal terrorisme en is evenmin effectief in de bestrijding daarvan. Daarvoor dienen andere methoden ontwikkeld worden, vooral gericht op het inperken en weghalen van de voedingsbodem voor terroristische organisaties. Structurele inkrimping van onze krijgsmacht is gewenst, mede om middelen vrij te maken om in te zetten voor de sociale wederopbouw van de samenleving. De mobilisabele eenheden en mobilisabele tanks kunnen naar onze mening afgeschaft worden, evenals de Luchtmobiele Brigade (die is ingericht om met geweld buiten ons eigen land in te grijpen). Verder kunnen onze militaire marinetaken worden afgebouwd. Het aantal gevechts-vliegtuigen kan om te beginnen worden gehalveerd. Volstaan kan worden met een 'endlife-update' voor de rest van de F-16's. De deelname aan de ontwikkeling van de Joint Strike Fighter moet worden stopgezet. De niet-militaire taken van de Koninklijke Marechaussee kunnen worden ondergebracht bij Binnenlandse Zaken. Alle kernwapens moeten de wereld uit, om te beginnen uit Nederland.
Uit de NAVO
De NAVO is een achterhaald en daardoor gevaarlijk militair instituut en dient ontmanteld in plaats van uitgebreid te worden. Nederland doet er wijs aan zelf uit deze overleefde verdragsorganisatie te treden. Dat geeft ons de zeggenschap terug over ons buitenlandse beleid in zaken van oorlog en vrede. We worden weer baas over onze krijgsmacht. Nederland moet niet deelnemen aan het Europees Veiligheids- en Defensie-Initiatief (EVDI), oftewel het Euroleger. Dat is immers een ongewenste en onnodige nieuwe militaire structuur, met extra militaire ambities en activiteiten en de daarmee verbonden grotere risico's en kosten. De Nederlandse krijgsmacht zou dusdanig hervormd dienen te worden dat ze bijdraagt aan verbetering van de internationale capaciteit voor conflictpreventie en vreedzame -conflictoplossingen. De Verenigde Naties en de Europese veiligheidsorganisatie OVSE kunnen hierin een belangrijke rol spelen.
Zoeken naar niet-militaire oplossingen
Nederland moet een vasthoudender pleitbezorger worden van het zoeken naar niet-militaire oplossingen. We dienen daaraan ook een actievere bijdrage te leveren. Bijvoorbeeld door het helpen opzetten van een netwerk voor 'early warning', het bieden van diplomatieke en facilitaire steun bij onderhandelingen tussen (potentiële) conflictpartijen en het versterken van democratische instellingen in mogelijke conflictgebieden. Nederland dient ook een volwaardige opleiding voor conflictpreventie te starten. Verzoeken tot deel-name aan vredeshandhaving dienen rationeel te worden beoordeeld. Economische druk kan in bepaalde gevallen bijdragen aan de vreedzame beëindiging van conflicten. In dat kader dient Nederland in de Europese Unie opschorting te bepleiten van het handelsverdrag tussen de EU en Israël om zodoende de gewenste twee statenoplossing (een veilig Israël en een levensvatbaar Palestina) dichterbij te brengen. Er moet een einde komen aan de bezetting van Palestijnse gebieden en het nederzettingenbeleid van Israël. Israël moet zich terugtrekken tot achter de grenzen van 4 juli 1967. Palestijnse vluchtelingen moeten een recht op terugkeer krijgen.
Internationale wapenhandel terugdringen
Nederland dient geen militaire goederen te (laten) exporteren naar spanningsgebieden en landen die het niet al te nauw nemen met de mensenrechten. Subsidiëring van het militair-industrieel complex in de vorm van onderzoek, exportondersteuning en -kredieten en compensatiebeleid moet worden stopgezet. De bestaande criteria voor het wapenexportbeleid horen scherper toegepast te worden. Tevens moet een verbod worden ingesteld op het organiseren van wapenbeurzen. Kleine wapens ('pistolen en geweren') die het Nederlandse leger niet meer nodig heeft moeten worden vernietigd, in plaats van verkocht. De wapenproductie in Nederland moet gaandeweg worden afgebouwd. Voor wapenimport dient als regel te gelden dat we geen wapens kopen van landen aan wie we geen wapens zouden verkopen. Nederland mag op geen enkele wijze de wapenindustrie stimuleren in spannings-gebieden. Aan de bijzondere positie van Schiphol in de doorvoer van wapens uit de Verenigde Staten naar Israël dient een einde te worden gemaakt.